In 2020 kwam ik met mijn gezin te wonen in Dieze, een mooie diverse stadswijk die al bestaat sinds de jaren ‘50. Toen nog met boerderijen tussen de weilanden, nu met veel inwoners in veel betonnen huizen.
Samen met 45 andere huishoudens kwamen we te wonen in een nieuwbouwproject. De huizen zijn goed geïsoleerd, energiezuinig en gasloos, maar hebben piepkleine tuinen. En het groene binnenterrein met grote bomen en veel vogels is opgeofferd voor de auto’s van de bewoners, want tja, die moeten ook ergens staan. Nu ligt tussen de huizen een grote stenen parkeerplaats.
In de zomerse hitte met bijbehorende stortbuien is er geen beschutting. De hitte stijgt je naar het hoofd, en kinderen dansen tot aan hun kuiten in het water. Met een paar bewoners steken we de koppen bij elkaar om hier iets aan te doen.
We starten klein. Twee regenpijpen op het gemeenschappelijk binnenterrein laten we begroeien met elk 2 klimplanten. Een kleine stap.
Een jaar later maken we een kleine border op de parkeerplaats. Met hulp van een stadshovenier (tegenwoordig de Stadsvergroeners) ligt er een ontwerp en een beplantingsplan en op een koude zaterdagochtend zetten we met vereende krachten de planten in de grond.
Nog een jaar later volgt nog een border van een paar vierkante meter. Met veel moeite verwijderen we de stenen en graven we een plantengat.
We weten nu hoe het moet, dus een jaar later volgt nog een iets grotere border.
We hebben nu de smaak te pakken. Aan de voorkant van de huizen toveren we dit jaar zo’n 1000 m2 dor gras om tot een bloeiende stadsoase vol planten en bomen. Direct ontdekt een koolmeesje een pas geplante appelboom, en afgelopen week hadden we opeens bezoek van een buizerd!
Voor de officiële opening van de Stadsoase maken we een uitnodiging die we bij alle 46 huishoudens in de brievenbus gooien. We drukken er bewust wat meer, dus ook de straten rondom de Diezerhof krijgen een uitnodiging. En ook de mensen van gemeente en provincie die ons geadviseerd hebben, en de mensen die ons warm ontvangen hebben in het Alevitisch Centrum waar we een Natuuratelier organiseerden, en de subsidiegevers. Het wordt een mooi feestje! Een hapje en een drankje, een warm woord van wethouder Roelfs, buurtbewoners die elkaar ontmoetten, rondscharrelende kinderen.
Het hoeft niet gelijk 1000m2 te zijn. Het kan beginnen met een regenpijp, of twee. En met 2 buren met een groen hart. En van twee regenpijpen komen misschien meer. En 2 buren kunnen er elk nog een buur bijvragen. Je hebt maar 1 persoon nodig die je de weg wijst. En die persoon weet weer een andere persoon die een goed advies kan geven.
Zo kunnen kleine stappen veel waarde hebben. Het planten van 1 klimplant of 1 boom geeft schaduw en verkoeling. De bloeiende bloemen geven nectar voor insecten. Insecten trekken vogels aan. En het organiseren van een openingsfeest geeft verbinding in de buurt.
Kleine stappen die samen een groot effect hebben.
Geschreven door: Trieneke Wubs

